De functie ’ziekenhuisarts’ is relatief nieuw. Je vindt hieronder de belangrijkste kenmerken.
De belangrijkste kenmerken
De opleiding tot ziekenhuisarts duurt 3 jaar en bestaat uit 8 stages op o.a. de afdelingen Interne geneeskunde, Heelkunde, Neurologie en Anesthesiologie. Je doet bovendien een stage bij een verpleeghuis of een huisarts. De stages zijn het hart van de opleiding. Tezamen bestrijken ze het gehele vakgebied ‘Ziekenhuisgeneeskunde’.
De opleiding kent een uniek – landelijk georganiseerd – lintprogramma. Dit programma bestaat uit een combinatie van een stevig inhoudelijk programma over het verbeteren van de zorg (met o.a. aandacht voor samenwerken, management en kwaliteitszorg) en begeleide intervisie. Dit zorgt tevens voor continuïteit, onderlinge support en collegialiteit.
Je rondt de opleiding af met een ‘meesterstuk’. Dit meesterstuk loopt als een rode draad door de opleiding. De ziekenhuisarts-in-opleiding implementeert binnen zijn of haar eigen ziekenhuis een verandering op het gebied van de kwaliteitszorg of de patiëntveiligheid. Daarbij word je begeleid door een inhoudsdeskundige.
Ieder jaar neem je deel aan 4 landelijk georganiseerde onderwijsdagen over o.a. nierinsufficientie, trombose, infusietherapie, regulatie op de afdeling, hypertensie, farmacotherapie & polyfarmacie, patiëntveiligheid, circulatie, palliatieve zorg en pijnbestrijding, infectieziekten & antibioticabeleid, ethiek, recht en zorgmanagement, stolling & antistolling, leverenzymen, aanvullend lab, de kwetsbare chirurgische patiënt, acute neurologie, psychiatrie, Parkinson, delier en dementie.
In schema
| Jaar 1 | Jaar 2 + 1e helft jaar 3 | 2e helft jaar 3 |
| Patiëntveiligheid – Kwaliteit van zorg (Clinical Governance) | ||
| Intervisie | ||
| Interne Zaal (8 mnd) SEH / AOA (4 mnd) | Anesthesiologie / Heelkunde (8 mnd) Neurologie (4 mnd) Interne – Ouderengeneeskunde / Geriatrie (4 mnd) Huisarts / Ouderengeneeskunde (2 mnd) | Stage naar keuze (6 mnd) |